Minder toetsen, meer aandacht voor kind: Onderwijsraad wil cultuuromslag op scholen
29 mei 2026
In het basis- en voortgezet onderwijs moet meer gekeken worden naar de leerling en minder naar de uitkomsten van de toetsen die de leerlingen maken. Dat adviseert de Onderwijsraad. Toetsen moeten minder leidend zijn bij rapporten, diploma’s, toelating tot scholen of de overgang naar een volgend schooljaar.
Volgens de raad, die met het rapport komt op aanvraag van de Tweede Kamer, vergt dit een cultuuromslag bij veel scholen. Louise Elffers, voorzitter van de Onderwijsraad, schrijft dat leerlingen aan het einde van het voortgezet onderwijs “vele honderden toetsen” hebben gemaakt. Dat zijn er veel te veel, staat in het rapport.
Toetsen dienen daarbij verschillende doelen: als stok achter de deur om leerlingen tot leren aan te zetten, als selectiemiddel en als evaluatie voor de onderwijskwaliteit van scholen. Deze “functievermenging” moet beperkt worden, aldus de raad. Scholen en leerlingen kunnen “verstrikt” raken door de vele toetsen en de verschillende intenties ervan.
Veel druk
De huidige situatie veroorzaakt daarnaast niet alleen veel druk bij leerlingen, maar ook bij leraren en schoolbesturen: er wordt vooral gekeken naar een zo hoog mogelijke toetsscore in plaats van dat er wordt gekeken naar de feedback die uit een toets komt, aldus de raad.
Als voorbeeld wordt in het rapport gewezen op zogenoemde leerlingvolgtoetsen die basisscholen vanaf het derde leerjaar afnemen om taal- en rekenvaardigheden bij kinderen te monitoren. In theorie moeten deze toetsen dienen om zicht te krijgen in hoe leerlingen zich ontwikkelen op specifieke onderdelen, in de praktijk wordt de uitkomst vaak meegenomen in het schooladvies in groep 8.
Dit kan leiden tot kansenongelijkheid. “Leerlingen kunnen slecht scoren op leerlingvolgtoetsen, terwijl ze andere onderwijsdoelen die de toets niet bestrijkt, juist goed weten te realiseren, of andersom”, schrijft de raad. Ook wil de raad dat er nog maar één doorstroomtoets komt voor achtstegroepers. Scholen kunnen nu nog kiezen uit zes verschillende varianten die allemaal verschillende uitkomsten kunnen hebben.
Hoge toetsscores
Uit een analyse van de PO-Raad, de sectorvereniging voor basisonderwijs, bleek vorig jaar al dat leerlingen die hetzelfde presteren toch soms een ander advies krijgen, afhankelijk van de toets die ze maken. Het huidige systeem werkt “teaching to the test” in de hand: “Er treedt een vorm op waarbij de lesaandacht zich beperkt tot het verhogen van de toetsscores en waarbij bredere onderwijsdoelen uit het zicht raken”, aldus de Onderwijsraad.
De Inspectie van het Onderwijs noemt het rapport van de raad in een reactie een belangrijk advies. “Het is goed dat de Inspectie op scholen kijkt of er voldoende geleerd wordt”, zegt directeur Kennis Matthijs van den Berg bij Spraakmakers op NPO Radio 1. “Alleen zien wij ook wel dat de scores soms heel zwaar wegen.”
Van den Berg laat weten dat de Inspectie in 2027 een nieuw onderzoekskader invoert, waarin deze conclusies worden meegenomen. “We zullen die resultaten minder zwaar laten meewegen in het kwaliteitsoordeel op een school. Daardoor zullen andere elementen van kwaliteit van onderwijs zwaarder meewegen”, zegt hij. “Dus wij zijn zeker niet doof en blind voor deze signalen.”
Fluvium visie
In onze eigen visie (januari 2026) hebben we hier als iets over gezegd:
In de huidige tijd waarin onze maatschappij gericht is op presteren en “mijn kind moet hoger uitkomen” en waarin onderwijs als productieproces wordt gezien, worden scholen meegezogen in een systeem dat vooral luistert naar wat meetbaar is. Dat zorgt volgens ons voor een smalle opvatting over goed onderwijs en nuttige en waardevolle resultaten. Er is een rijkere, menselijker opvatting nodig over onderwijs en daarom kiest Fluvium bewust voor een bredere definitie over prestatie en resultaat:
- Toetsdata zijn niet leidend, maar ondersteunend aan het bepalen van het onderwijsaanbod.
- We vertrouwen op professionele oordeelsvorming, in samenspel gevormd en we ondersteunen de professionele ontwikkeling in de nieuwste inzichten m.b.t. onderwijskundig assessment.
- We gaan met grote terughoudendheid om met het geven van cijfers aan werk of toetsen omdat we bewust zijn van het risico op schadelijke effecten op het zelfbeeld van kinderen.
- We vieren verschillende vormen van groei – niet alleen de meetbare.
We zijn kritisch op de vroege selectie in Nederland.
“Door de vroege selectie, de sterke differentiatie in veel verschillende schoolsoorten, het afgenomen aanbod van brede brugklassen en minder mogelijkheden om te ʻswitchen’ of ‘stapelen’ kunnen lang niet alle jongeren het onderwijs volgen dat past bij hun capaciteiten. Hierdoor lopen de Nederlandse economie en samenleving talent mis” (Onderwijsraad, 2021, Later selecteren, beter differentiëren).
We werken zo goed mogelijk samen met het voortgezet onderwijs in onze regio om jongeren de grootste kans te geven het onderwijs te volgen dat past bij hun capaciteiten. Onze schooladviezen zijn in samenspel gevormde oordelen, waar we uiteraard ook kritisch op zijn. Idealiter zouden wij niet oordelen op 12-jarige leeftijd.
Goed onderwijs is meer dan prestaties. Het is de ontwikkeling van mens-zijn. Elke Fluviumschool werkt onderzoeksmatig en heeft een visie op verantwoord gebruik van toetsen, beoordelen en niveau bepalen.